Altijd zuinig zijn op je spulletjes.

0

image emDe hele afgelopen week, die ik doorbracht tussen de mooie wijngaarden van de Loire, zit dit blog al in mijn hoofd.  De aanleiding hiervoor is deze.

Al lopend langs de wijnranken kon ik de verleiding niet weerstaan enkele kleine trosjes ervan af te halen. Weliswaar waren ze nog niet in volle groei, maar al wel heerlijk zoet. Bij het derde druifje, dat ik naar binnen smikkelde, hoorde ik opeens de stem van mijn wijlen vader.

‘Emmy, je zit nu andermans oogst op te eten, de wijnboer moet hier hard voor werken!’

Mijn herinnering gaat terug naar de bollenschuur. Mijn vader duldde geen vreemd volk in de schuur om mee te helpen met pellen. Vakantie hulpjes gingen niet goed om met zíjn bollen. Dat liet hij aan ons over. Het was ons met de paplepel ingegoten. Elk bolletje, hoe klein ook, is geld waard.

Bolletjes werden niet onnodig vertrapt, werden altijd opgeraapt.

En tussen de wijnranken, bekroop me ineens het gevoel, dat ik de wijnboer onrecht aandeed. Ik was ordinair aan het jatten, misschien maakte ik wel het hele wijnrankje kapot met mijn amateuristische manier van plukken.

En toen ik pas een Twittergesprekje had over mooie, nieuwe fietsen en het onderhoud ervan, bedacht ik me, hoezeer bij ons thuis het zuinig omgaan met spulletjes meegegeven is. Alles wat je goed verzorgt gaat lang mee en ziet er goed uit.

Zo zorgde ik altijd dat de koppen van mijn cassettedeck gedemagnetiseerd waren, alvorens ik ze eerst met alcohol had schoongemaakt. Ik verafschuw het gegooi van fietsen door de jeugd van tegenwoordig. Bam, leg daar maar neer. Toen ik nog motor reed ging ‘s winters de accu er netjes uit en een beetje conserveringsolie erin. Ik ga nooit van huis met een aanlopende fietsketting en soms moet ik me inhouden om niet naar wielrenners te roepen: ‘Hé, smeer je ketting eens fatsoenlijk!’, als ze me ratelend voorbij steken.

Ik doe niks de deur uit als het nog goed is. Ik wil de grof-vuil-afval- hoop niet nog groter maken dan hij al is.

Het gezegde ‘wie het kleine niet eert, is het grote niet weert’ word door mij nog dagelijks gebezigd. En dat alles is terug te voeren op bollen, zelf gekweekte bollen. Een oogst waar zeven kinderen van moesten eten en waar niet één bolletje werd verspeeld.

Ik ben blij, dat ik ben opgegroeid met dit respect voor eigen vergaarde spulletjes.

‘Nog één trosje pa’, zeg ik al mijmerend langs de ranken,  ‘deze wijnboer heeft nog 5 kilometer aan wijnvaten liggen en maar 3 kinderen…’

Vind jij deze site ook de moeite waard?

Klik dan op deze link naar PayPal.com om een contributie te doen.

Waarvoor onze dank!

Leave A Reply

%d bloggers liken dit: